http://www.htmltemplates.net

1825 – Zakkenrollers op de Beilermarkt


In oktober 1825 is van Aaldert Hessels uit Wittelte op de markt te Beilen een zakje met ongeveer F. 31,- afgepakt.


“De veldwagter heeft aangehouden Arend Geertsema, 30 jaar, vroeger timmerman, nu werkloos en speler
op kermissen en markten met dobbelstenen in eene zoogenaamde koffijkan of trechter. Ook Koert Bruins
van Groningen, idem speler met koffijkan of trechter, samen met nog eenen derden welke zicht weggepakt had,
aangehouden worden omdat het algemeen gerucht hen aanwees als daders van de diefstal.
Toen de veldwagter met deze drie personen kwam bij het huis van Jannes Joosten, zetten de genoemde
Geertsema en Bruins het op een loopen en vloden door de Beilerstroom.


De veldwagter vergezeld van zijnen zoon met name Lambert Timmer, volgen hen insgelijks door het water
en zocht hen achter de wallen op de zoogenaamde Vonderkampen tot eindelijk de veldwagter de beide vermiste
personen ontdekte liggende in een sloot onder de struiken.
Toen deze menschen zagen dat zij gevonden waren, sprongen zij op en volgens opgegeven van den veldwagter
vloekende op hem aan, zijn zoon welke zich eenigzints verwijderd had, kwam nu weder bij hem, en om zijnen vader
bij te staan, had deze deszelfs sabel genomen waarmede hij Koert Bruins kwetste aan het voorhoofd.


De beide meergemelde personen hebben zich toen overgegeven en zijn voor mj gebragt. Ik heb Koert Bruins
dadelijk doen verbinden. De Medecinaal Dokter H. Radijs en heelmeester G. Brinkman verklaarden
dat de wonde niet gevaarlijk was.
(Geertsema heeft veel geld op zak en 10 dobbelsteenen in een zakje. Bruins heeft veel los geld. Jan Schooljan van Elp
is ook acht gulden in een beddeburen zakje ontstolen, nog geen klagte gedaan).


Het is jammer dat de derde persoon welke gekleed was met een duffelsche jas het ontsnapt is, deze had een dik pak
waardoor misschien nog wel het eene of andere zoude zijn uitgekomen,” aldus een brief van den Schout.


Op 8 oktober voegt de burgemeester er nog aan toe: “De derde ontsnapte heeft met zijn pak de weg genomen
naar Smilde of Dwingeloo, de omstandigheden van zijn vlugt zijn alleen aan den veldwagter van Westerbork bekend,
niemand nog eenig naricht geven. Deze veldwagter is alleen met dezen gebleven, terwijl die van Beilen
de twee anderen achtervolgde en dat toen de veldwagter van deze gemeente terug kwam
die van Westerbork den derde niet meere had.”


Over de veldwagter van Westerbork en de derde verdachte schrijft de burgemeester: “ Toen de twee vlugtenden
door den veldwagter van Beilen waren achtervolgd, was hij met den derden alleen gebleven, dat de laatstgenoemde
zeer gerust was blijven staan en tegen hem had gezegd: “Die twee tonen zich schuldig omdat zij gaan loopen.”
Dat hij, de veldwagter uit die gerustheid had opgemaakt, dat de man onschuldig was en geen attentie
meer op dezelfde geslagen hadt, waarna die persoon zich langzaam had verwijderd, zonder dat hij wist waarheen.
Toen hij later hoorde dat het een suspect mensch was met een dik pak, had hij hem overal tevergeefsch gezogt.”


De burgemeester schrijft verder: “ De verklaring van den veldwagter is in allen deele waar.
Waarom hij de man vrijwillig heeft laten lopen kan ik mij niet begrijpen, want oogenblikkelijk daarop
heb ik hem gezien en gesproken, zonder in het minst te hebben bespeurd dat hij dronken was.
De opgebragte personen zijn nuchter uit Beilen vertrokken. Bij hun vertrek waarbij ik aanwezig was
hebben zij geen sterken drank gehad, zij vroegen jenever, ik heb hen dezelve geweigerd,
toen hebben zij een glaasje melk en water gedronken.

De veldwagter heeft mij verhaald dat de getransporteerde van hier naar Assen niets meer gedronken
dan te Hooghalen ieder een glaasje jenever, aan de eerste steen elk een vierde part van een half oort
en insgelijks bij van Zomeren gelijk vierde part van een half oort.”
Eén en ander speelde zich af op de schapenmarkt van 6 oktober. Schout Snoek Nijsingh had van de Officier van Justitie
bericht ontvangen, dat het stelletje nogal aangeschoten in Assen gearriveerd was.


Uit het tijdschrift van de Historische Vereniging Gemeente Beilen jaargang 1, nummer 1, november 1989.


(1 oort= 0,35 liter. bron: De oude Nederlandse maten en gewichten)